Loading
Deze site maakt o.a. gebruik van social media websites. Deze sites kunnen cookies gebruiken waar wij geen controle over hebben. Wettelijk zijn wij verplicht hier toestemming voor te vragen. Klik hiernaast op accepteren als je gebruik wil maken van alle mogelijkheden. Wil je meer weten over onze cookies, klik dan hier.

Disquiet - Scars Of Undying Grief

Gepost in Reviews door Chris van der Aa op 01-01-2012

Tracklist

01. La Camorra
02. Killing Silence
03. Trenches Of Blood
04. Predator
05. Outcry
06. No Mercy Left
07. Indignation
08. Carved Soul
09. Do Not Obey
10. Faces Of The Fallen
11. New Age Of War
12. Scars Of Undying Grief

Disquiet is al lang geen onbekende meer in het vaderlandse underground thrash circuit. De band maakte al naam met hun eerste twee demo's Above the Law (2000) en The Plague (2002), daarna ook met zeer energieke optredens door het hele land. Weliswaar lag de band ook even op z'n gat door de gebruikelijke bezettingswisselingen en ander malheur, maar met de drietrack EP Hate Incarnate uit 2008 laat Disquiet horen en zien dat ze er nog helemaal zijn. Vanaf toen al waren er de plannen voor een full length debuut, dat uiteindelijk dus nog even op zich heeft laten wachten. In de eerste helft van 2011 is tijd en gelegenheid gevonden om het debuutalbum op te nemen en tiptop in orde te krijgen onder de bezielende leiding van Tommie Bonajo (BlindSight). Het resultaat Scars Of Undying Grief zal in januari gepresenteerd worden.

Het album begint pakkend en bombastisch met La Camorra, ik ben meteen bij de les. Killing Silence doet er qua veelzijdigheid nog een schepje boven op, alle elementen die Disquiet kenmerken zijn hier te vinden. De thrash van Disquiet knalt en groovet als Testament, Flotsam and Jetsam en Death Angel in hun beste dagen. Maar dan wel met een verfrissend moderne insteek met bijpassend geluid. Moeiteloos en onvermoeibaar wordt heen en weer gelaveerd tussen agressie en melodie, twee pijlers waar de muziek van Disquiet op kan bouwen. De strot van brulboei Sean is heavy, bevat power en streelt de oortjes als mokerslagen. De gitaristen riffen stoïcijns de nummers aan elkaar, misschien niet altijd even origineel, maar wel trommelvlies teisterend vet. M'n nekspieren krijgen het zwaar te verduren.

Trenches Of Blood doet me vanwege het gitaarwerk wat aan Arch Enemy denken, overigens een band die Disquiet zelf tot een van hun invloeden rekent. Dat is hier dan ook wel terug te horen, het geeft aan dat de band met twee poten stevig geworteld staat in de moderne tijd; melodieuze death metal invloeden zijn niet aan de band voorbij gegaan. Predator doet oude thrash tijden herleven, het melodieuze intro en de riff gerichte aanpak doen mij denken aan Metal Church, ook zo'n band die heavy (weliswaar geen thrash) metal een flinke dosis melodie en toegankelijkheid meegaf. Testament als referentie zou ook zeker niet misstaan. Faces Of The Fallen heeft ook zo'n melodieus intro (en refrein), maar thrasht daarnaast de ballen uit je broek, wat een lekker nummer!

Behalve melodie en toegankelijkheid is er natuurlijk ook gelegenheid genoeg om simpelweg te beuken op snelle thrashers. Het korte, felle hardcore achtige Indignation leent zich natuurlijk perfect tot meerammen, al doet het wel raar aan, zo'n korte track. Ook Carved Soul is zo'n lekkere beuker, let hier ook op de fijne gitaarpartijen. Al doet een gedeelte van de solo's (bijna aan het einde) me wel heel sterk denken aan eentje van Megadeth's Hangar 18. Ook New Age Of War stampt er aangenaam op los: zoals telkens lekkere riffs, gekoppeld aan een sterke ritmische ondersteuning.

Het afsluitende titelnummer klinkt dan wel weer enigszins apart. Een intro met Slayeriaans gitaarwerk, vervolgd door een groovy ritme en een melodieuze passage met zelfs cleane zang. Waar ik bij de andere tracks geen moment het idee heb dat Disquiet moeite heeft met het schrijven van nummers als geheel vind ik deze track wat als los zand aan elkaar hangen. Mij pakt het in elk geval niet. Voor de rest niets dan lof voor de muzikale uitspattingen van dit thrashende vijftal. Dit is zoals eigentijdse thrash metal hoort te klinken. En dat is zeker voor een eigen beheer onwaarschijnlijk vet, aan deze productie kan menig gevestigde naam een puntje zuigen.

Sean Maia - zang

Arthur Stam - drums

Fabian Verweij - gitaar

Menno Ruijzendaal - gitaar

Waldo Kloor - bas